De terugkeer van Annie

[dropcap]B[/dropcap]ij de Juggle Juice Bar in de aankomsthal van Schiphol zat een oude man. Boven zijn hoofd hing een grote, rode ballon in de vorm van een hart. Er stond met viltstift ‘Annie’ op geschreven. De ballon was aan een touwtje bevestigd dat de man stevig vasthield. Dit was ontroerend om te zien.

De man was alleen.

Hij zag eruit alsof hij van ver kwam. Hij droeg een bruine, ouderwetse overjas en een groene sjaal. Hij keek af en toe om zich heen. Daarna staarde hij verder naar de glazen deuren waarachter de bagagebanden waren. Uit de bar klonk
zonnige muziek.

De man wachtte.

Wachten is een kunst. Sommige mensen doen het ongeduldig. Ze kijken voortdurend op hun horloge. Ze lopen heen en weer naar de monitoren met vluchtnummers en aankomsttijden. Ze knopen praatjes aan met andere wachtenden, ze roken en drinken en telefoneren, ze gaan naar de WC.

Er zijn ook mensen die zich overgeven aan het wachten. Sommigen zitten daarbij stil, in gedachten verzonken, op een bankje. Anderen lezen wat, of slenteren rond. Ze slagen erin nooit op hun horloge te kijken. Iets van binnen vertelt ze wanneer de geliefden landen. Ze zijn ÈÈn met het wachten.

Deze oude man had dat ook. Ondanks de muziek om hem heen, en de stromen mensen die voorbij kwamen, was hij de kalmte zelf. Misschien dat hij hier voor het eerst van zijn leven was, het deerde hem niet. Hij was alleen maar nieuwsgierig naar de Annie op wie hij wachtte.

Mooi.

Stipt om half vier liet meneer zich van zijn kruk glijden. Hij liep langzaam naar de geblindeerde schuifdeuren onder de grote, geel oplichtende 2. De ballon danste aan het dunne touwtje met hem mee. Het meisje in het wisselkantoor van ABN-AMRO verderop glimlachte. Amper stond meneer bij het hek of de schuifdeuren gingen open. Reizigers kwamen te voorschijn. Het leek wel een wonder.

‘Willem!’ riep een vrouwenstem.

‘Annie!’ riep de oude man. Hij ging op zijn tenen staan om te zien waar Annie bleef. Van opwinding liet hij bijna zijn ballon los.

Daar was ze.

Dat wil zeggen: eerst was de kar er waarop Annie haar bagage had staan, grote oude koffers en plastic tassen. Daarachter bevond zich Annie.

Een kleine vrouw.

Grijs.

Op gympjes, in een vrolijk gebloemde rok.

Ze keek zoekend om zich heen. De ballon met haar naam zag ze boven de wachtenden hangen, maar de man die aan het touwtje vastzat had ze niet meteen in beeld. Toen zag ze hem. Ze liet haar kar los en nam drie, vier snelle stappen.
De oude man opende zijn armen. Zijn Annie sprong er in.

‘Willem, ik ben er weer hoor!’ riep ze. Tranen stroomden over haar gebruinde wangen.

Ook Willem hield het niet droog. Hij sloeg zijn armen om Annie heen. Daarbij ontsnapte de ballon uit zijn hand. Statig zweefde hij naar het plafond waar hij nog uren zou blijven hangen, de stille getuige van Annie’s terugkeer.

download


Deze content is geplaatst in categorie: Berichten.