Een stukje beleving

[dropcap]D[/dropcap]e opticien plaatste de nieuwe zonnebril op mijn neus. Ik moet zeggen: een intiem moment. Ik heb niet graag dat mannen aan mijn gezicht komen. Maar hij deed het keurig, en toen mocht ik in spiegel kijken. Ik zag dat het een aanzienlijke bril was die ik droeg, zeg maar gerust een kanjer. Bovendien stond hij een tikje scheef. Verder mankeerde er niets aan.

“Erg groot,” zei ik.

“Groot is het helemaal deze zomer,” zei de opticien. Hij had zich twee passen van mij verwijderd en een kennersblik opgezet.

“Helemaal,” hoorde ik mezelf herhalen.

“Hij staat u goed,” ging de opticien verder.

Dat was inderdaad waar het nu om draaide: stond de bril me wel? Ik had er eerlijk gezegd geen mening over. Misschien heb ik het stadium bereikt dat ik niets meer moet aanschaffen zonder mevrouw Bril mee te nemen. “Hij staat een beetje scheef,” mompelde ik.

De opticien knikte, deed twee passen naar voren, strekte zijn armen en tilde met twee voorzichtige, bleke handen de bril van mijn neus. Het viel me op dat hij zich echt inspande om mijn gezicht niet aan te raken. Zijn vingertoppen beroerden alleen het montuur van de bril. “We gaan er iets aan doen,” zei hij en hij verdween met de bril.

Ik bleef alleen achter in de winkel, met honderden zonnebrillen. Ik slenterde wat langs de rekken, en zette er af en toe eentje op. De trend was groot, inderdaad, de opticien had gelijk. Zelfs de vertrouwde pilotenbrillen van RayBan waren oversized. Ik stond al bijna op het punt de winkel te verlaten, toen de opticien terugkwam. Weer strekte hij zijn armen, weer tilde zijn handen de bril op mijn neus. Waar zou zo’n man dat leren? Ik was blij dat ik geen opticien was, al had ik het mijn naam best kunnen worden.

De bril stond recht.

Ik draaide rond voor de spiegel. Een beetje belachelijk voelde ik me wel, maar ja, wat moest ik anders doen? Wie in een winkel voor een spiegel staat, bekijkt zichzelf. Het is een heel andere ervaring dan thuis voor de spiegel staan, gek genoeg. In een winkel is het net alsof je iemand anders in de spiegel ziet, een schrale versie van jezelf, een teleurstellende versie, de versie die de winkelier ziet, de versie die moet worden opgeknapt. Daaraan denkend, zag ik dat de merknaam van de bril met grote letters op beide poten stond. Een minpunt. Ik wil best veel geld aan een zonnebril uitgeven, maar ik wil er niet ook nog eens reclame voor maken.

“Hebben ze allemaal,” zei de opticien toen ik erover begon. Even zag ik hem denken dat ik misschien van een andere planeet kwam.

“Hou ik niet zo van,” zei ik.

“Ach meneer, het voegt een stukje beleving toe,” antwoordde hij. In zijn stem klonk gelatenheid door, een middenstander die gewend was meer omzet te missen dan te maken. Zijn armen strekten zich alweer uit, zag ik, zijn handen gingen de bril weer van mijn neus tillen.

“Ik neem hem,” zei ik snel.

Daar had de opticien niet van terug. Zijn armen vielen slap langs zijn lichaam en een grote grijns trok over zijn gezicht. “Hij staat u goed,” zei hij, en even had ik die kleine sensatie die iedere shopper kent: ik had de goede keuze gemaakt. Mijn oog was niet voor niets op deze bril gevallen, het leven had zin. Daarna sloeg de vertwijfeling weer toe: een stukje beleving?

My ass!

Welke beleving, en waarom een stukje? Waarom niet een heleboel? Ik rekende af en hield de bril meteen maar op ook. Buiten was het eerste wat ik zag een lekker wijf – ik kan niet anders zeggen, zo blond en ordinair was ze. Ik had even het idee dat het door mijn nieuwe zonnebril kwam, dat dit het stukje beleving was wat hij aan me toevoegde, maar toen keek het lekkere wijf me al sikkeneurig aan. “Is er wat?” vroeg ze.

“Natuurlijk niet,” antwoordde ik, “wat zou er zijn?”

“Je kijkt zo,” zei ze, “daar hou ik niet van.”

Ik overwoog even mijn nieuwe zonnebril de schuld te geven, maar beloofde toen laf het nooit meer te zullen doen. Met kijken hield ik nu eindelijk op. Er kwam alleen maar narigheid van.

download


Deze content is geplaatst in categorie: Berichten.