Grote Liefde in 2008

[dropcap]D[/dropcap]e heren zijn weer op tournee. Bril, Chabot en Giphart. Hun nieuwe programma heet De Grote Liefde. Het is weer zeer vermakelijk. En spits. En ontroerend. Wie van zang en dans houdt, kan zijn hart ophalen. Wie er niet van houdt eveneens. De Grote Liefde – over muziek, vrouwen, kinderen, verliefdheid, passie, de oude dag, tuinieren, porno, de Weense wals, eerste keren, laatste keren, de dood, literatuur. Hieronder de data. Daaronder een gesprek met de heren.

OPTREDENS IN 2008

1 FEBRUARI DEN HAAG (BRIL, GIPHART & CHABOT)

20 FEBRUARI EMMELOORD

21 FEBRUARI VEENENDAAL

22 FEBRUARI AMERSFOORT

23 FEBRUARI DEN HELDER

26 FEBRUARI ALMERE (BRIL SOLO)

27 FEBRUARI SOMEREN

29 FEBRUARI LAREN

1 MAART ALKMAAR

4 MAART DEVENTER

5 MAART UDEN

7 MAART GOIRLE

8 MAART AMSTELVEEN

13 MAART HENDRIK IDO AMBACHT

14 MAART BUSSUM

15 MAART WAGENINGEN

18 MAART BREDA

19 MAART HEERENVEEN

20 MAART HOUTEN

27 MAART APELDOORN

28 MAART BERLICUM

29 MAART EIBERGEN

2 APRIL OUDENBOSCH

3 APRIL BARENDRECHT

4 APRIL LEEUWARDEN

5 APRIL GORICHEM

10 APRIL ALMERE

11 APRIL HAAKSBERGEN

16 APRIL VLAARDINGEN

18 APRIL VEENDAM

20 APRIL AMSTERDAM

21 APRIL AMSTERDAM

6 MEI GOUDA

7 MEI HOOGEVEEN

9 MEI ROERMOND

13 MEI DELFT

EEN GESPREK NAAR AANLEIDING VAN STELLINGEN

STELLING: VROUWEN ZIJN NIET TE BEGRIJPEN.

Ronald Giphart: ‘Ja, ik vind vrouwen onbegrijpelijk en ongrijpbaar. Toch. Eigenlijk.’
Martin Bril: ‘Helemaal mee eens.’
Bart Chabot: ‘Denk je dat je alles goed voor mekaar hebt, breekt de pleuris uit omdat je er met de pet naar hebt gegooid. En dan weer is ze helemaal verliefd op je, er is geen touw aan vast te knopen. In wezen begrijp je elkaar natuurlijk nooit.’
Ronald: ‘Als ik moet kiezen wat het allerleukste is op aarde, dan zijn het vrouwen. Omdat ze aan de ene kant zo onbegrijpelijk zijn en fascinerend en lief en warm en gek en vervelend en veeleisend en plat en ordinair en gevoelig. Allemaal tegelijkertijd. Mijn vrouw ook, ik accepteer het en ik vat het, maar echt begrijpen… Dat er weer een vriendschap wordt opgezegd of dat er weer eens ruzie in de tent is. Mij ontgaat het allemaal. Mannen zijn eenduidiger. Niet moeilijk doen: ze zegt dit en ze bedoelt dat, elkaar brieven schrijven. Wijvengezeik.’
Martin: ‘Wijvengezeik is wel altijd vrij eerlijk. En onbarmhartig. Veel gemener ook eigenlijk, dat vind ik nou juist zo leuk aan vrouwen. Ze roddelen, zijn hard naar elkaar. Zitten altijd naar elkaars tieten te kijken en naar elkaars kont. De een is de kamer nog niet uit, of de ander kamt haar al genadeloos of. Geweldig vind ik dat. En vrouwen kunnen goed mutsen. Ze kunnen eindeloos over trivia praten, dat vind ik heel belangrijk. Ik praat liever met vrouwen.’
Bart: ‘Ik weet niet of ik liever met mannen of met vrouwen praat, hangt er vanaf waar het over gaat. Mijn liefhebberij is Formule 1, nou daar hoef ik bij mijn vrouw niet mee aan te komen.’
Martin: ‘Dat is een onderwerp waar Bart zelfs niet eens met óns over kan praten, haha. Ik beschouw mijn vrouw als een ondoorgrondelijk wonder. Ik wíl het niet eens begrijpen. Wat ik wel leuk vind is dingen van haar te leren. Ze leest altijd iets in de krant wat ik niet lees. Over hersenfuncties, of omega 3. Of over communicatie bij apen. En ze weet het altijd op onze situatie te betrekken. Dat vind ik echt een verrijking. Zij heeft altijd iets nieuws, ik nooit. Helemaal gesticht verlaat ik ´s ochtends het echtelijk bed, zo om half elf ongeveer.’
Ronald: ‘Als je al zo lang bij elkaar bent, word je elkaar. Ik weet al wat zij gaat zeggen. Ik moet altijd heel erg om haar lachen, mijn vrouw is erg grappig, zij kan heel gemene opmerkingen maken, uit de mond van een vrouw vind ik dat nog leuker. Maakt ze kei- en keiharde afzeikopmerkingen, die ze nooit in het openbaar zou maken. Samen televisie kijken, dat is een van de grondvesten van onze relatie. En altijd in bed, ik had het niet gedacht vroeger, maar als de kinderen slapen gaan wij al naar boven toe, tv kijken.’
Bart: ‘Ik ga veel later. Ik ga niet voor half een, een.’
Martin: ‘Bart is nog een artiest, je moet eerder naar bed gaan joh. Nova is een goede bedtijd, Rond tien uur. Dat is normaal, voor volwassen mensen.’

STELLING: GROTE LIEFDE IS EEN WAANIDEE

Bart: ‘Dat vind ik helemaal niet!’
Ronald: ‘Daar ben ik het ook pertinent mee oneens! De grote liefde is wat de wereld draaiend houdt. Eeuwige liefde moet je niet met grote liefde verwarren, dat zou een misvatting zijn. Maar het is mogelijk dat je om de zoveel tijd een héle grote liefde hebt, je zou een arm leven leiden als je maar één grote liefde hebt.’
Martin: ‘In de liefde heb je aan één grote liefde genoeg. Ja, in de liefde kun je maar één grote liefde hebben, Maar in de muziek ook eentje, in de keuken ook eentje, in de literatuur ook eentje. Die ene vrouw, die ene zanger, dat ene gerecht. Het zou te makkelijk zijn om heel véél grote liefdes te hebben. Je moet kunnen zeggen: ik heb er maar één. Minder is meer tenslotte.
Martin: ‘Ben jij met je grote liefde getrouwd?’
Ronald: ‘Ik ben 12 jaar met mijn grote liefde getrouwd, voor zover je dat op je 41ste kunt zeggen.’
Martin: ‘En jij Bart?’
Bart: ‘Ik ben met mijn grote liefde getrouwd ja, volgende week 20 jaar.‘
Martin: ‘Ik ben ook met mijn grote liefde getrouwd, ergens in oktober. De dag weet ik niet meer, maar ik zie mezelf er nog wel naar toe gaan. We hadden een dag gepland, en toch afgezegd.’
Bart: ’Want? Ruzie?’
Martin: ’Nou ja, toch niet zo’n goed idee. Toen brak de dag aan, tóch maar doen, snel nog wat mensen bellen. Anneke moest nog wat regelen, ik nog langs het café, we zouden elkaar zien op het stadhuis, in de Wim T. Schippers zaal. Ik had een spijkerpak aan met een lange zwartleren jas. Vanaf Grand Café Luxembourg ben ik het spoor naar het stadhuis min of meer kwijtgeraakt, toch gevonden uiteindelijk. Dat zal een jaar 12 geleden zijn. Maar we zijn wel al 20 jaar bij elkaar. Dat dan weer wel.’
Bart: ‘Wij kennen elkaar een jaar of 25. Heel erg lang. We trouwden vanwege de auto.’
Ronald: ‘Da’s echte liefde.’
Bart: ‘Yolande wilde niet trouwen, die was rabiaat tegen. Niet nodig, dat gedoe, daar was ze heel streng in, ze wilde ook geen kinderen. Ze heeft nu vier zonen dus enige inconsequentie in haar gedrag is wel te bespeuren. We kwamen met z’n tweeën langs het stadhuis, stond een man op het bordes, die wenkte ons naar binnen. Nou, ik ben de man van de auto zei hij, liet-ie zo’n brochure zien. Stond er een auto in, een roze Cadillac Eldorado 1959, met van die staartvinnen, helemaal te gek. Ja, voor zo’n auto moet je wel trouwen. En gisteren was ik in die winkel, Benny’s. Onze trouwauto is anderhalf jaar geleden verkocht, maar je kunt een model terugkopen dat er bijna helemaal op lijkt. Geen Eldorado, een Stand de Ville. Maar wel roze en van 1959. Het idee is die als huwelijkscadeau te kopen, kost godvergeten veel poen. Heel romantisch wel.’
Ronald: ‘Bart is ook heel romantisch, steekt elke avond kaarsjes aan, gebruikt speeltjes in bed. Iedere dag de liefde bedrijven.’
Martin: ‘Ja, Bart neukt echt veel meer dan wij, heel opmerkelijk.’
Ronald: ‘Dat zei hij in een Telegraaf-interview: ‘Ik heb elke dag sex’. Dus sindsdien vragen we altijd of hij het wel heeft gedaan vandaag. Ben jij nog verliefd Bart?’
Bart: ‘Jajaja, niet dag in dag uit natuurlijk, maar het is er nog wel. Jij?’
Ronald: ‘Als je drie kinderen hebt en elkaar iedere dag ziet moet je wel sterk in je schoenen staan wil je nog verliefde gevoelens hebben. Maar zodra ik weg ben, of in het buitenland, dan komt dat gevoel driedubbel zo hard terug. Heel veel cadeautje koop ik dan. Als wij op toer zijn, gaan we ook heel vaak op pad om cadeautjes te kopen. Voor de kinderen en voor de grote liefde.’
Bart: ‘En voor jezelf!’ (Steekt een paar indrukwekkende cowboylaarzen omhoog)
Martin: ‘In beginsel hebben Ronald en ik alles, maar Bart heeft nog een heleboel niet.‘
Ronald: ‘Hij had één overhemd toen we twee jaar geleden aan de eerste toer begonnen.’
Martin: ‘Het is nog leuk om Bart iets aan te smeren.‘
Bart: ‘Onderbroeken!’
Martin: ‘Ronald en ik zijn de ouders van Bart.’
Ronald: ‘Nee, ík ben de ouders van Bart en Martin. Zorgen dat ze geen dingen stuk maken, mensen beledigen.’
Bart: ‘Zegt-ie: Doe dat nou niet jongens, doe dat nou niet.’
Martin: ‘Pissen in de wasbak. Geen ruzies met directrices in leren broeken.’
Ronald: ‘Niet tegen mensen in de zaal zeggen: ´Hé rare padvinder, hou je bek eens even.´ Martin doet dat, ja.’

STELLING: HOE LANGER SAMEN, HOE BETER DE SEX

Ronald: ‘Dat vind ik een gigantische onderschatting van wat snelle sex kan zijn. Een one night stand of een korte woordloze ontmoeting in een bos. Ik spreek nu van…’
Bart: ‘Jaaa, lang lang lang geleden!’
Ronald: ‘Dat kan toch ook heel mooi zijn. Maar het heeft zeker voordelen als je lang bij elkaar bent. Dat je iedere porie kent. Het gaat wat gestroomlijnder dan in het begin. Maar goed, ik doe het pas twaalf jaar, misschien dat Bart er meer van weet.’
Bart: ‘Haha, ja, naarmate de jaren vorderen word je steeds gestroomlijnder!’
Ronald: ‘Je ontwikkelt vaste spelpatronen in bed. Ik doe dat bij haar, zij doet dit dan doen we dit.’
Bart: ‘Maar het gaat nóóit vervelen, o nee!’
Ronald: ‘Volgens mij fokken mensen elkaar op met het idee dat het keer per week moet anders heb je geen volwaardig sexleven. Nou, mensen met drie kinderen die drie keer per week sex hebben, geloof ik niet. Tenzij je een uitzondering bent als Bart Chabot.’
Martin: ‘Je mag al blij zijn met één keer in de week.’
Ronald: ‘Je mag al blij zijn met één keer in de twee weken. Laten we daar nou gewoon eens eerlijk over zijn. Het is een taboe, je hoort iedereen opscheppen. Ik vind een liefdesleven belangrijker dan een sexleven. Neuken is geweldig, maar het is soms ook evenzeer bevredigend om geen sex te hebben en gewoon in elkaars aanwezigheid te zijn.’
Martin: ‘Nou, dat vind ik drie dagen leuk, maar daarna moet er wel wat gebeuren. Maar toen wij kleine kinderen hadden werd er überhaupt niet geneukt. Kleine kinderen is zo´n uitputtende bezigheid voor die vrouwen, verschrikkelijk.’
Ronald: ‘Toen wij kleine kinderen hadden, we hebben twee lichtingen, dachten we: we zijn jong en het moet van de Viva dus we doen het. Dat stadium ben ik voorbij.’

SCHEIDEN IS VOOR LAFAARDS

Martin: ‘Ik heb heel vaak op het punt gestaan om te scheiden, maar het is er nooit van gekomen. Wij zijn mensen die moeite doen. Dat zie je veel te weinig.
Ronald: ‘Maar mensen die bij elkaar blijven omdat ze besloten hebben bij elkaar te blijven, terwijl ze eigenlijk uit elkaar zouden moeten gaan, dat zie je ook vaak genoeg. Mijn ouders zijn na 17 jaar gescheiden, terwijl het na 12 of misschien zelfs na 5 jaar al had gemoeten. Ik heb niks tegen scheiden. Scheiden is gezond, mensen zijn niet gemaakt om eeuwen bij elkaar te blijven, op een paar uitzonderingen na.’
Bart: ‘Als het op is, is het op. Maar het is natuurlijk niet zo dat een geslaagd huwelijk allemaal van een leien dakje gaat.’
Ronald: ‘Bij mij wel.’
Bart: ‘Dat is dan een uitzondering. Ik denk ook wel eens: wat een gezeik.’
Martin: ‘Van een leien dakje is niet leuk.’
Bart: ‘De eerste hobbel was bij ons al tijdens de huwelijksnacht. Dat had ik me wel wat romantischer voorgesteld. Het werd gevierd in België, mensen konden een week lang blijven. Zaterdagavond was er een diner in een groot buitenhuis. Dat diner is afgelopen, het moment van dansen breekt aan. Ik dacht: daar ga ik niet aan beginnen. Ik had al in de gaten waar ik me kon schuilhouden en ben op een wc op de derde etage gaan zitten. Heb ik drie en een half uur gezeten.’
Ronald: ‘Op je huwelijksfeest? Jezus.’
Bart: ‘Het bizarre was, dat niemand me miste. Daar was ik nog wel vrij pissig over, dat niemand na een half uur zei ‘Waar is ie gebleven?’ Drie en een half uur later! Ze hadden het duidelijk naar hun zin.’
Ronald: ‘En dit was dé hobbel uit je huwelijk. Dan heb ik ook nog wel wat verhalen!’
Martin: ‘Tjeezus, wat een gezegend mens ben jij Bart.’
Bart: ‘Haha, dát zijn onze dalen nou.’
Ronald: ‘We hadden het een keer over vreemdgaan. Zegt Bart: ‘Ik moet het eerlijk bekennen: ik heb het één keer gedaan.’ Wij: ‘O ja?’ Bart: ‘Maar toen kende ik Yolande nog niet.’’

STELLING: EERLIJKHEID IS HORROR VOOR HET HUWELIJK.

Ronald: ‘Ik vind dat je altijd altijd altijd al-tijd eerlijk moet zijn. En je moet elkaar dingen gunnen. Wij gaan niet samen stappen bijvoorbeeld, dan krijgen we geheid ruzie, als we samen een slok op hebben. Met uit eten gaan lukt het nog wel, maar als we echt goed drinken dan gaat het mis. Met vrienden ga je om elkaars nek hangen maar als je geliefden bent dan is het op een gegeven moment: laten we nog eens terugkomen op… Als ik om zes uur thuiskom, gaat zij niet zitten vissen: met wie zat je dan en wat gebeurde er? En zo ga ik ook niet vissen bij haar. Dat is ook beschaving. Stel dat zij tot half zes ´s ochtends in de armen van een ander ligt, zou ik er ook niet mee zitten. Ik ben iemand van de laatste school die niet jaloers is. Als ik van iemand hou, dan hou ik van haar. En dan ga ik niet een derde mijn gevoel voor mijn vrouw laten veranderen. Nee, ik ben niet jaloers, dus dan is die eerlijkheid ook niet nodig.’
Martin: ‘Het is maar net wat je eerlijk noemt. Ik denk dat je heel erg eerlijk moet zijn in je huwelijk, maar dat je daarbuiten ook diverse levens kunt hebben die daar verder niks mee te maken hebben.’
Ronald: ‘Maar vertel je dan eerlijk dat je er andere levens op na houdt, als je dat zou hebben?’
Martin: ‘Als je dat zou hebben, dan zou je dat moeten vertellen ja. Er zijn periodes dat zich dat ook voordoet, dat HEEFT NIETS andere vrouwen te zijn. Ik ben gewoon niet zo openhartig over wat ik meemaak.’
Ronald: ‘Dat leest ze de volgende dag toch wel in de krant.’
Martin: ‘Anneke weet hele vaak niet hoe mijn dag eruitziet en ze is ook redelijk getraind om daar niet nieuwsgierig naar te zijn. Ik vind het leuker om haar aan het eind van de dag weer te zien, dan is zij een heel nieuw iemand, bij wijze van spreken. Ik kom tot nmiets als ik alles met iemand moet delen. Ik moet kunnen zwerven.’
Ronald: ‘Bij mij is het precies andersom, ik hou mijn vrouw van kwartier tot kwartier op de hoogte. Waar ik ben wat ik doe. Smjes, belletjes. Ik vind het gewoon leuk om met haar contact te hebben, te ouwehoeren. ‘Ik loop in Zutphen.’’
Bart: ‘Ik bel eigenlijk nooit. Dat is één van de grote punten van kritiek.’
Martin: ‘Jouw vrouw belt altijd.’ 
Bart: ‘Ja, omdat ik niet bel. Sinds kort ben ik mobiel, dankzij Martin en nu word ik om de haverklap gebeld.’
Martin: ‘En daarvoor belde ze mij om te vragen waar Bart was.’
Ronald: ‘Niet uit jaloezie, maar gewoon omdat ze wilde weten waar hij was.’
Bart: ‘Ook omdat ik typisch iemand ben die in zeven sloten tegelijk kan lopen. Als ze urenlang niks hoort, kunnen er al twee sloten voorbijgekomen zijn.’
Martin: ‘Ik denk dat jij weinig geheimen hebt?’
Bart: ‘Ik heb niet zoveel geheimen, nee. Ze weet wel hoe ik in elkaar zit en ze weet waar bij mij de gevaren zitten. Ik ben een mateloos mens. We hebben het heel concreet over drank. Ik heb vroeger ontzettend gezopen, jarenlang. In de tijd dat ik Martin al kende, gingen we zwalkend door Amsterdam. Total loss. Jij had toen een tijdje een wandelstok.’
Martin: ‘Nee, dat was iemand anders. Je bent echt abuis. Alleen toen ik ziek was, heb ik met een stok gelopen.’
Ronald: ‘Dit mondt dan uit in ruzie en dan moet ik het zo meteen weer gaan sussen: ‘Martin bedoelde het niet zo.’ Nee hoor, we hebben niet vaak ruzie gehad.’
Bart: ‘Neeee. Absoluut niet.’
Martin: ‘We hebben nooit ruzie.’
Ronald: ‘Jawel, één keer bij een optreden in Hardenberg.’
(bulderend gelach van alle drie)
Bart: Ik duurde te lang naar de zin van Ronald en Martin…
Ronald: ‘Ik had in de pauze de euvele moed om te zeggen: Bart, we hadden toch afgesproken dat je de tekst wat minder lang zou maken, hou het nou eens korter, dat geouwehoer van jou. Waarop Bart zei: Ja, je hebt helemaal gelijk. Maar dan blijft het toch zingen in z’n hoofd. En dan wordt-ie boos. Denkt-ie: godverdomme, ik zal eens gaan uitweiden. En dat dúúrde maar. Martin begon te roepen: we zijn toch godverdomme het voorprogramma van Bart Chabot niet!’
Martin: ‘Ja, dat was een hoogtepunt. Ronald en ik gingen naar huis. Het was de enige keer dat wij geen hotel hadden geboekt maar Bart wel. Waren we net onderweg weggereden, kregen we al berichten door van Bart dat hij in Hardenberg werd lastiggevallen.’
Ronald: ‘Door een lelijke vrouw, met haar man. Die wilden een trio.’
Martin: ‘Meesterlijk verhaal.’
Ronald: ‘Bart is op een bepaalde manier gewoon schaamteloos. Twee jaar geleden hadden Bart en ik een optreden samen, Martin was op vakantie. Het was voor 5000 mensen van de Nederlandse Spoorwegen. Mijn vrouw belde: ik heb nieuws, ik ben zwanger. Wat redelijk uit de lucht kwam vallen. Ik zei tegen Bart: ik hoor net dat Mascha zwanger is. Wij komen op en het ging over jongensnamen dus zegt Bart: ‘Moeten jullie horen, Ronald heeft net te horen gekregen dat z´n vrouw zwanger is.’ In een zaal met vijfduizend man, het embryo was net zes weken oud!’
Bart: ‘Ik heb helemaal niet in de gaten dat het erg is, dat is het probleem. Ik zei tegen Ronald na het optreden: ‘Ging goed hè?’ ‘Ja, ging heel goed Bart, waar ik alleen íets minder gelukkig mee was…’ Ik dacht wat is er nou weer fout gegaan? Tja, dat is een bepaalde naïviteit van mij.’
Ronald: ‘Ach ja, er zit geen kwaad bij.’

© Sara van Gorp/Esta januari 2008