Op straat in Amsterdam

[dropcap]Z[/dropcap]e zoenen met elkaar!” hoorde ik het ene meisje tegen het andere roepen. Enorme opwinding.

“Echt” Nee!”

“Ja, bij de fietsen. Ik heb het zelf gezien.”

“Nee! Echt?”

“Ja joh, hij helemaal met zijn armen zo om haar heen…”

En toen was het gesprek mij al zo’n beetje gepasseerd, zoals dat gaat met straatgesprekken. Je vangt er wat flarden van op, en daar moet je het mee doen. Zonder mededogen passeren de meisjes op hun fietsen, totaal geen belangstelling voor hun omgeving, helemaal één met en in hun eigen wereld die uit jongens, zoenen, liefdesverdriet, leraren, huiswerk en andere meisjes bestaat.

Er zijn verschillende leeftijden. Twaalf is een hele andere meisjesleeftijd dan veertien en veertien weer een heel andere dan zestien. Twaalf is nog het spreekwoordelijke servet en zestien eigenlijk al een behoorlijk tafellaken.

Veertien is het mooiste.

Meisjes van veertien kunen nog echt kinderen zijn, maar ze hebben ook al alles aan boord om door te kunnen groeien. Alleen de durf ontbreekt nog, de laatste stap. Ze kunnen al voluit meepraten met meisjes van zestien, tot het er op aankomt, dan worden ze wreed afgedroogd en in de hoek gezet. Hoe is het om dertien en vijftien te zijn, vroeg ik me maar niet af toen het gespreksfragment voorbij fietste. Wel diende zich een ander probleem aan.

Het verschil tussen zoenen en kussen.

Zelf ben ik geneigd kussen volwassener te vinden dan zoenen, maar zoenen heeft weer iets friviolers, iets liefelijks, terwijl kussen meteen serious business is, zie de handkus. Kussen kan tot op hoge leeftijd, zoenen volgens mij niet.

Ergens gaat de zoen over in de kus, en het heeft natuurlijk ook met de staat van de relatie tussen de geliefden te maken. Kennen en ze elkaar net een maand via een datingsite, hebben ze allebei hun grote liefde achter de rug en zijn ze nu met een tweede poging bezig, of zijn ze al dertig jaar door dik en dun getrouwd? Net bezig als vijftigplusser kun je wel zoenen denk ik, maar het moet wel snel kussen worden. Het zoenen blijft dan achter de hand voor speciale gelegenheden, gelegenheden die zich op de jeugdige leetijd van zestien nu eenmaal vaker voordoen, vanwege de hormonen. Of kunnen die op hoge leeftijd nog tot spectaculaire zoenen leiden?

Enfin.

Aan dat soort dingen liep ik te denken, terwijl ik natuurlijk beter mijn tijd had kunnen besteden aan de kredietcrisis, de crisis in krantenland, de crisis in het Midden-Oosten en nog zo wat van die dingen die er echt toe doen, maar dat lukte dan weer niet. Iedere keer als ik het probeerde, ging er iets mis of kwam er iets tussen.

Het nadenken over de kredietcrisis, bijvoorbeeld, gaat bij mij mis als ik Michiel Bosgra bij Philip Freriks in het Journaal aan tafel zie schuiven om uitleggen wat er nu weer voor aan de hand is. Ik vind dat zo’n lieverd, met die rare bril op, dat ik nooit goed hoor wat hij zegt. Lees de krant dan, hoor ik u denken.

Ja, inderdaad.

Maar daar staat de volgende dag in wat op het Journaal is geweest en oud nieuws hoef ik niet te weten. Kortom, dat soort dingen kan er misgaan.

En wat er tussen kan komen, tot slot, zijn overstekende oude dames met rollators, stugge mannen die hun handen blazen tegen de koud, bleke gezichten achter het raam van een tram en meisjesgesprekken die voorbij fladderen en de zinnen helemaal verzetten.


Deze content is geplaatst in categorie: Berichten.