Stilte in Vierhouten

[dropcap]L[/dropcap]aatst kreeg ik een brief uit Vierhouten. De strekking ervan ben ik vergeten, maar ik had wel ineens zin om naar Vierhouten te gaan. Al was het maar om te kijken of hotel-restaurant De Mallejan nog bestond.

Ooit was dat zo’n plek waar reclamemakers uit Amsterdam zich voor een paar dagen brainstormen terugtrokken. Ik heb er op een vrijdagavond ook eens gegeten. Na afloop kon er gedanst worden op een klein, houten vloertje. De muziek werd verzorgd door een somber kijkende man achter een electronisch orgel – zo’n machine met drie verdiepingen toetsen en waar je complete symfonieen aan kon ontlokken.

Goed.

Dus ik reed naar Vierhouten. Op de radio ging het over de rampzalige voorspellingen van het CPB. Ik hoorde de premier ferme taal spreken. Naar die bijeenkomst had ik ook kunnen gaan, maar ik was onderweg naar Vierhouten. Ik verheugde me er enorm op en helemaal toen ik de snelweg had verlaten en door de natte bossen reed. De aarde was bedekt met een dikke laag bruine bladeren, links en rechts wezen ANWB-paddestoelen en borden van Staatsbeheer de weg naar mooie plekken elders.

Daar was Vierhouten.

En een kilometer verder ook hotel-restaurant De Mallejan, ingelijfd door een of andere hotelketen, maar onmiskenbaar de Mallejan van vroeger. Bij de bushalte tegenover het hotel stond een jong stelletje, nog geen twintig. Ze hadden twee grote reistassen bij zich. Ze wachtten op de bus naar Elspeet. Daar moesten ze overstappen op de bus naar Apeldoorn waar ze een bezoek aan Paleis Het Loo wilden brengen. Ze hadden vakantie, en de nacht in de Mallejan doorgebracht. Nu gingen ze verder.

Ik ook.

Langzaam reed ik Vierhouten binnen. Langs de Spar, de enige levensmiddelenzaak van het dorp (Bloemkool 1,49. Schouderkarbonade 2,75), langs Bertus Foppen (APK, garage en fietsenverhuur), het gesloten VVV-kantoor en uitspanningen met namen als Herberg Tante Sjaan, Hotel de Vossenberg, The Novice, Hotel-pension Vierhouten, Klavertje Vier en het Pannenkoekenhuus Likkepot dat een groot bord langs de kant van de weg had staan: “gedurende de voorjaarsvakantie zijn wij 7 dagen per week geopend!!”. Hier was duidelijk een ondernemer die zich er niet onder liet krijgen door de crisis. Maar achter de ramen zag ik niemand zitten. Het lunchuur was ook nog ver weg.

Er kwam mij een bus tegemoet.

Behalve de jonge reizigers die ik tegenover de Mallejan was tegen gekomen, zat er niemand in. De chauffeur stak vriendelijk zijn hand naar me op toen ik voor hem uitweek. Ik stopte bij de Spar om een plattegrond van Vierhouten te kopen, maar het meisje achter de kassa kon me daar niet helpen.

Bovendien was ze bezig met een oude dame die via spaarzegels een prachtige, nieuwe pannenset wilde bemachtigen. Voldoende zegels en je kreeg 85% korting op de pannen. Achterin de zaak stond de set uitgestald. Het waren inderdaad schitterende pannen, niets op af te dingen. Ik kocht de Stentor en liep weer naar buiten.

Er was niets mis met Vierhouten, behalve dat het uitgestorven was. Aan alles was te merken dat hier achter muren en gordijnen vol vuur op het voorjaar werd gewacht. Dan zullen ze komen; de dagjesmensen, de fietsers, de pensionbewoners, de jonge ouders met hun grut, de nordic walkers en de bedaarde senioren die zo lang mogelijk over hun koffie met appelgebak doen. Een vakantiedorp in de winter; het heeft iets. Het wacht en hoopt. Hoe zal de crisis Vierhouten straks treffen? Misschien wel niet en blijft Vierhouten voor eeuwig Vierhouten, het dorp van de vele hotels, pensions en eethuizen en uiteraard de machtige bossen die het omringen.


Deze content is geplaatst in categorie: Berichten.